Werking
Het basisprincipe van de homeopathische geneeswijze is het Similia-principe: ´Similia similibus curentur´ (Latijn), dat wil zeggen: ´Het gelijke met het gelijkende genezen´. Dit betekent dat ziekteverschijnselen kunnen genezen door het toedienen van een kleine dosis van dezelfde stof, die in een grote dosis bij een gezond persoon juist dezelfde ziekteverschijnselen veroorzaakt.
Belladonna
Bijvoorbeeld: u raakt een brandnetel aan en krijgt rode bultjes en jeuk. Urtica, een homeopathisch geneesmiddel bereid uit brandnetels, helpt bij een rode jeukende uitslag die lijkt op brandneteluitslag. Dit principe lijkt een beetje op inenting, waarbij ook een kleine hoeveelheid ziekteverwekker in het lichaam wordt gebracht. Het lichaam reageert daarop met het opbouwen van een verdedigingssysteem tegen die ziekteverwekker. Elk menselijk lichaam beschikt over een zelfgenezend vermogen. Bijvoorbeeld: een wondje geneest en een verkoudheid gaat over, op een natuurlijke wijze. Homeopathische geneesmiddelen stimuleren dat zelfgenezende vermogen, dat natuurlijke verdedigingssysteem. Deze geneesmiddelen kunnen afkomstig zijn van:
Brandnetel
- mineralen (bijvoorbeeld arsenicum, kalium en magnesium)
- planten (bijvoorbeeld belladonna en aconitum)
- dieren (bijvoorbeeld verdunningen van bacteriën).
Het homeopathische geneesmiddel wordt volgens een speciaal procédé verdund (potentiëren) en geschud. Hierna krijgt het geneesmiddel de naam van de grondstof, meestal in het Latijn, gevolgd door een letter en een getal, die de precieze bereidingswijze aangeven (bijvoorbeeld Belladonna D 30).
In de praktijk worden twee vormen van homeopathie toegepast: